vrijdag 21 januari 2022

Slavernijverleden

De transatlantische slavenhandel door Nederland heeft al enige tijd mijn bijzondere interesse, omdat ik bezig ben met onderzoek voor een nieuwe roman. 

Fort Elmina, Ghana

Het slavernijverleden van Nederland wordt nog steeds slecht begrepen en moeizaam erkend. Zo reageerde onlangs in het Leidsch Dagblad iemand op een artikel van 13 januari in dezelfde krant, waarin de roep klonk om een onderzoek naar het slavernijverleden van Leiden en de plaatsing van een monument.

De strekking van die reactie is verbazingwekkend, want de briefschrijver begint over de eeuwenlange slavernij in Noord-Afrika van honderdduizenden (blanke) Europeanen, waar geen aandacht voor is. Op zich een terecht punt, maar ik weet niet wat dat te maken heeft met de Nederlandse slavenhandel. Zeker niet als de auteur betoogt dat onze voorouders de slavernij juist afschaften en je kennelijk blank moet zijn om slavernij slecht te vinden. Volgens hem was het Westers kolonialisme daar dus goed voor.

Brief in het Leidsch Dagblad

Geen woord over het eindeloos traineren van de afschaffing van de slavernij in Suriname door de Staat der Nederlanden in de 19e eeuw, waarbij zelfs 10 jaar na de officiële afschaffing in 1863 de voormalige slaven nog moesten blijven werken voor hun vroegere eigenaar (het zogenaamde 'Staatstoezicht').

Vervolgens gaat de briefschrijver over tot het bekritiseren van onze historici en ‘verenigingsbobo’s’, die (ik citeer) ‘moderne, politiek correcte mensen zijn met een woke-oriëntatie’. Volgens hem is het zo dat de enige slaven die je herdenkt zwart zijn omdat witte slaven de ‘zieligheidsfactor’ van zwarte slaven ontberen!

U leest het goed. Misschien bent ook u verbaasd. Ik heb erop gereageerd bij de redactie van het LD, maar die heeft mijn brief tot nu toe niet geplaatst. Daarom schrijf ik het nog maar eens op in een wat bredere context, in de hoop dat het door een enkeling alsnog gelezen wordt.

hedendaagse slavenmarkt in Libië

bron: EW

Ja, er verkeerden honderdduizenden geroofde westerlingen in slavernij in Noord-Afrikaanse gebieden, zeelieden en gekaapte inwoners van kustplaatsen, mannen, vrouwen en kinderen. Dat was erg genoeg, en inderdaad mag daar best eens aandacht aan worden besteed. Bijvoorbeeld met een monument in Tanger, Algiers of Tunis, waar die mensen vastzaten en werden uitgebuit. Zodat ook daar het besef groeit van wat er ooit door hen is aangericht. Niet dat ik daar veel hoop op heb, want in het naburige Libië, een ‘failed state’, is de trans-Sahara slavenhandel volgens nieuwsberichten nog steeds aan de orde van de dag. En over de Golfregio zullen we het maar niet hebben.

het overvolle tussendek van een slavenschip

 bron: https://www.joshchalmers.com/

De Noord-Afrikaanse kwestie doet echter niets af aan de grootschalige transatlantische mensenhandel vanaf ca. 1630, door gewetenloze Nederlandse handelaren en plantage-eigenaren, die dat ook nog probeerden te vergoelijken met bijbelteksten in de hand. Lees de geschiedenis er maar op na.

Het belangrijkste verschil tussen de slavernij onder Arabische machthebbers en onze niet minder meedogenloze mensenhandel en slavernij is dat een flink aantal van onze voorouders daar zelf direct of indirect bij betrokken waren, terwijl ze beter hadden moeten weten. Die waren geen slachtoffer of toevallige toeschouwer, maar daders, die er bakken met geld aan verdienden. Ga maar eens kijken in de slavenforten van de WIC in Ghana. Ik ben er geweest, het stinkt er nu nog steeds naar de ongelukkigen die daar ooit als beesten werden opgesloten in afwachting van een transport dat zelfs vee onwaardig was.

slavenkerker in WIC-fort Elmina, Ghana

Ten aanzien van de relatie tussen de koloniale tijd en de slavernij kan alleen maar geconcludeerd worden dat de twee hand in hand gingen. Afrika (dat geldt tevens voor Zuid Oost Azië) werd eeuwenlang beschouwd als een roofgewest, waar je grondstoffen, tropische producten en mensen kon halen in een met militaire middelen afgeschermde markt. De VOC en de WIC hadden daartoe een eigen leger en marine, evenals de al even vermaledijde Sociëteit van Suriname. Rond 1775 was de Schots-Nederlandse officier John Gabriël Stedman in Suriname om een slavenopstand te helpen onderdrukken. Blijkbaar was hij oprecht ontzet over de toestand die hij daar aantrof, en later schreef hij een boek dat uiteindelijk de antislavernijbeweging zou ondersteunen.

Uit het boek van John Stedham over Suriname, eind 18e eeuw. 

artikel in De Correspondent

Na de opheffing van de VOC, de WIC en de Sociëteit van Suriname in de Franse tijd nam het Koninkrijk der Nederlanden (1815) deze overheersing naadloos over, totdat de Surinaamse slavernij onder internationale druk in 1863 werd opgeheven. Ter compensatie van het resulterende tekort aan arbeidskrachten op de plantages werden contractarbeiders uit het toenmalige Brits-Indië, China, Nederlands-Indië (Chinezen en Javanen) en het Midden-Oosten naar Suriname gehaald. Ook over het daarbij gedane onrecht is het nodige te zeggen.

Het is dus niet dank zij de koloniale overheersing dat de slavernij werd afgeschaft, maar eerder ondanks het kolonialisme. Afrika is na eeuwenlange uitbuiting nog steeds een achtergesteld werelddeel, waarin het merendeel van de bevolking weinig bestaanszekerheid kent. Intussen gaat een nieuwe vorm van kolonialisme (door Westerse multinationals en Chinese bemoeienis) onverminderd door. Die achterstelling is een van de redenen van de massale migratie vanuit Afrika naar Europa en de daaruit ontstane mensenhandel.

De gevolgen klinken nog steeds door in onze hedendaagse cultuur en samenleving. Kijkt u ooit  met andere ogen naar iemand met een donkere huidskleur dan naar een witte voorbijganger? Alleen maar omdat zo iemand er anders uitziet, of zit het misschien na eeuwen van onbetwiste superioriteit nog steeds in de witte genen? 

De slavernij bestond misschien niet in onze naam, maar wij mogen er best een monument en excuses aan wijden. Ook in mijn woonplaats Leiden. Dat heeft niets te maken met een ‘woke gedachtengoed’ of de ‘zieligheidsfactor’ van zwarte slachtoffers zoals die briefschrijver in het LD meent, maar met historisch besef en vooral, met normaal menselijk fatsoen.

dinsdag 23 november 2021

Drie meter zand

Vorige week is het manuscript van mijn derde boek, ‘Drie meter zand’, naar mijn uitgeverij Palmslag gegaan. Verwachte publicatiedatum is juni 2022.

voorlopig coverontwerp

Ik ben begonnen dit boek te schrijven kort na het overlijden van mijn moeder in het voorjaar van 2018. Tijdens het leegruimen van haar appartement vonden we vele familiestukken, sommige ruim een eeuw oud. Een daarvan is een klein koperen doosje, van oorsprong een doosje voor zwavelstokjes mogelijk uit de tijd van Napoleon, met een figuurtje erop dat een militair kan voorstellen. Het doosje bevat de laatste pijptabak van mijn betovergrootvader, Abraham Pellicaan, die in 1915 is overleden. Ik denk dat daarmee het idee geboren werd van een roman met zijn wortels in een lang vervlogen tijd.

Het tabaksdoosje van mijn betovergrootvader

Het verhaal begint in 2013, enkele jaren geleden, als een jonge vrouw en haar vriend op de zolder van het oude huis van haar overleden oma op Ameland een ouderwetse zeekist vinden met daarin een tweehonderd jaar oude zeekaart en een raadselachtig dagboek geschreven in het Frans. Het persoonlijk logboek van een militair uit het leger van Napoleon zet hen op het spoor van het wrak van het Franse oorlogsscheepje Arabelle, dat door een Engels fregat tot zinken is gebracht in het zeegat van Ameland. Het wrak heeft twee eeuwen lang verborgen gelegen, drie meter diep in de zeebodem. Ze gaan op zoek en vinden inderdaad het wrak, echter de waardevolle lading wordt kort daarop geplunderd door nietsontziende illegale bergers, die een spoor van geweld achterlaten.


Het historische deel van dit boek, in de periode tussen 1780 en 1814, volgt de turbulente Nederlandse geschiedenis in die tijd op de voet. Tijdens het schrijven van dit boek heb ik onderzoek gedaan op Texel, Ameland, Borkum en Helgoland, van eiland naar eiland varend met mijn eigen boot. Onvermijdelijk heb ik de geschiedenis hier en daar naar mijn hand gezet; het meeste is echter historisch gezien juist. Napoleon bezocht Texel in het najaar van 1811. Hij had echter al in april 1811 plannen geformuleerd voor de uitbreiding van fort De Schans; in het boek heb ik de uitvoering bij de hoofdpersoon Robert de Koning gelegd.

de ondergang van de Lutine

De ondergang van de Arabelle is geïnspireerd door de ramp met de Lutine, een Engels schip dat in 1799 in stormweer verging in het zeegat bij Terschelling, waarbij slechts één opvarende werd gered. De ramp was het gevolg van een navigatiefout, waardoor het schip bezet raakte door wind en stroom in het zeegat van Terschelling en strandde op een zandbank. De Lutine vervoerde goud en zilver vanuit Engeland om een beurscrash in Hamburg te voorkomen, waar een nijpend geldtekort was ontstaan. Het wrak is het doel geweest van vele bergingsacties, waarvan alleen de eerste en tweede, rond 1800 en 1860, succesvol waren. Het schip is bij herhaling onder het zand verdwenen en enkele malen weer daar bovenuit gekomen als de zeebodem veranderde.

Drie meter zand is een historische roman, die uitmondt in een hedendaagse thriller en een ontknoping aan de Engelse oostkust, waar ik jaren geleden ook heb gezeild. Verleden en heden zijn aan elkaar gesmeed door het wrak en familiebanden die tweehonderd jaar overbruggen.

Ik vertel over het boek tijdens mijn interview met Hanneke Tinor-Centi, in september j.l.:
 

 



maandag 1 november 2021

Staatslieden gezocht (m/v/x)

Op de kop af acht maanden geleden schreef ik een blog over lessen uit het verleden, gevolgd door een stukje in mei over de controlemaatschappij, die toen al in de steigers werd gezet. We zagen het aankomen, je hoefde geen helderziende te zijn om te zien waar in Den Haag de prioriteiten liggen.

De controlemaatschappij. Biometrie: de volgende stap?
 

(https://www.ictrecht.nl/)

Na de val van het kabinet als gevolg van de toeslagenaffaire werden er nieuwe verkiezingen uitgeschreven. Voor de verkiezingen werd het coronavirus even met vakantie gestuurd, zodat eenieder ongestoord door de eisen van de lockdown zijn of haar burgerplicht kon doen en een kruisje zetten in het daarvoor bestemde vakje. Het voelde toen al een beetje als tekenen bij het kruisje, en de beschamende vertoning van de slepende kabinetsformatie in de navolgende maanden heeft dat gevoel niet weggenomen.

Business as usual

In Den Haag is het business as usual gebleken: het demissionaire kabinet regeert vrijwel per decreet, want nog steeds sluit de coalitie de gelederen als er een aanval wordt ondernomen vanuit de oppositie. Met het vormen van een nieuw kabinet maakt niemand haast: maandenlang bleken partijbelangen groter dan het landsbelang, net alsof er geen democratisch gelegitimeerd kabinet nodig zou zijn in de grootste crisis sinds decennia. Wat maakt het ook uit, dezelfde ploeg komt toch weer terug om zijn slooppartij van de Nederlandse samenleving voort te zetten.

De hoofdpijndossiers stapelen zich op: de toeslagenaffaire, de Groninger aardbevingsschade, de stikstofcrisis, het klimaat, het institutioneel wantrouwen jegens de burger, de woningnood, vluchtelingen in tenten, het etnisch profileren, de rechterlijke macht die altijd de overheid gelijk geeft, noem maar op. Je staat alleen als de Staat der Nederlanden je onrecht heeft aangedaan. De overheid houdt zich niet aan de wet, omdat de wet kennelijk een lastig ding is.

Het lijkt mij dat er genoeg te doen is. Waar blijft de urgentie?

Corona en tweedeling

Intussen is de tweedeling in de samenleving als gevolg van het coronabeleid, waar velen begin dit jaar al voor hebben gewaarschuwd, een feit. We kennen de probeersels van De Jonge en Van Dissel bijna uit ons hoofd: groepsimmuniteit, handen wassen, afstand houden, mondkapjes, lockdowns, scholen dicht, coronamelder, vaccinatiedwang (o nee, het was ‘drang’…), testen voor toegang, dansen met Janssen, de QR-code, en nu dus het verder uitsluiten van ongevaccineerden.

Als deze crisis werkelijk slim zou zijn aangepakt, was er beter gekeken naar de vraag of iets elders al eens was geprobeerd en of dat ook aantoonbaar heeft gewerkt. Telkenmale blijkt het bedachte wondermiddel niet te werken. 

zwartgelakt dossier (van nrc.nl)

De argwaan dat VWS iets te verbergen heeft wordt alleen maar gevoed door het gebrek aan openheid. WOB-verzoeken worden getraineerd en de Haagse oppositie krijgt evenmin antwoorden. Volgens een NOS-bericht dat maar heel kort te zien was, zijn Kamerleden van het kastje naar de muur gestuurd tussen Van Dissel en De Jonge.

Inmiddels zien we de bijkomende schade overal in de samenleving: leerachterstanden, uitgestelde zorg, verloren levensjaren, depressies, huiselijk geweld en uitvergroten van reeds in de kiem aanwezige sociale en medische misstanden. En investeren in de zorg, ho maar. We trekken liever geld uit voor een leger BOA’s om absurde maatregelen af te dwingen. 

De ongenuanceerde vaccinatiediscussie

Met het uitsluiten van ongevaccineerden door middel van een coronapas is een grens overschreden. Maar wie de vergelijking durft te trekken met de opkomst van dictatoriale systemen uit het verleden, wordt ogenblikkelijk verketterd, zoals die moedige rabbijn die onlangs een parallel durfde noemen met de opkomst van het nazisme in de jaren 30. Sommige zaken zijn kennelijk omgeven met een zo groot taboe, dat je er niet eens aan mag denken. Ik noem het liever apartheid, maar ook daar zal wel weer iemand zich vreselijk aan storen. 

We wijzen in dit land gemakkelijk op Poetin, Erdoğan en Loekasjenko, en dichterbij op Polen en Hongarije, maar de scheidslijn is flinterdun: het grootste verschil tussen een neoliberale democratie en een dictatuur is dat het tegengeluid in onze neoliberale staat monddood wordt gemaakt en in een dictatuur echt dood gemaakt. Het ‘framen’ van ongevaccineerden schurkt gevaarlijk dicht tegen die grens aan. Zo wordt schaamteloos door allerlei zelfbenoemde kopstukken op TV gezegd dat we ongevaccineerden maar op een eiland moeten zetten, of niet toelaten tot de zorg.

O ja, voordat ik het vergeet, ik ben dubbel gevaccineerd, want dat moet je er altijd bij zeggen tegenwoordig. Zij het dat de bescherming na vijf maanden vermoedelijk tot nul is gedaald.

Thorbecke

Staatslieden gezocht (m/v/x)

We zoeken iemand met de statuur van Thorbecke, Troelstra of Drees. Thorbecke stond bekend als een liberaal die de burger met rust laat, schrijft Enno de Witt in zijn recensie van een onlangs verschenen boek over Thorbecke

Met het oog op de immense uitdagingen waar dit land voor staat, en het gebrek aan urgentie in Den Haag (behalve voor het invoeren van de surveillancestaat), stel ik voor een paginabrede advertentie te plaatsen in de landelijke dagbladen, met als kop ‘staatslieden gezocht (m/v/x)’. Voor de functie-eisen leen ik maar even iets over staatslieden van Wikipedia.

Naast carrière of beklede posten speelt ook de mate mee waarin een politicus het algemeen belang behartigt. Zo schreef de Amerikaanse auteur James Freeman Clarke lang geleden: "Een politicus denkt aan de volgende verkiezingen, een staatsman aan de volgende generatie."

Ik denk dat we de Haagse politici eens langs de meetlat van James Freeman Clarke moeten leggen.

vrijdag 8 oktober 2021

Een interview

Onlangs kwam mijn literair agent Hanneke Tinor-Centi met het leuke idee om mij te interviewen voor de camera, aan boord van mijn boot in de jachthaven van Andijk aan het IJsselmeer. Mijn boeken spelen zich voor een deel af op zee, dus de boot was een prima keus als achtergrond voor het interview, dat we in september 2021 hebben gedaan.

 

Hanneke spreekt met mij over de twee boeken die al in Nederland zijn uitgegeven, De Batavier en Het Transport, en vraagt naar het derde boek Drie Meter Zand, dat naar verwachting begin volgend jaar zal verschijnen.

Ze vraagt mij naar de manier waarop het schrijven bij mij in zijn werk gaat, hoe de verhalen in mijn hoofd ontstaan en waar de inspiratie vandaan komt. En naar de reden waarom ik ook in het Engels publiceer.

Het interview gaat over veel zaken die niet direct bekend zijn bij het lezerspubliek, zoals de moeizame weg voor elke auteur om zich een plaats te verwerven naast (vaak buitenlandse) bestsellerschrijvers, die de planken in de boekhandel domineren. Ook spreken we over de noodzaak om goed onderzoek te doen voordat je gaat schrijven.

Een prettig persoonlijk gesprek waarvan ik hoop dat het mijn lezers aanspreekt. 


Mijn boeken worden uitgegeven bij uitgeverij Palmslag. De Engelse vertalingen zijn beschikbaar in digitale vorm bij Kindle Direct Publishing. Paperback versies daarvan zijn in voorbereiding.

een mogelijk cover voor de Engelse vertaling van Drie Meter Zand

zondag 18 juli 2021

Een zeilreis met een verrassing


 onderweg met harde wind achterin

Afgelopen week zijn wij teruggekeerd van een zeilvakantie langs de Waddeneilanden. We kwamen deze keer niet zo ver omdat het weer nogal onberekenbaar was, uiteindelijk tot Borkum, Norderney en Greetsiel. Er werd in Duitsland slechts eenmaal naar ons vaccinatiebewijs gevraagd, wat we dan ook braaf lieten zien. Misschien is dat nu veranderd door het coronabeleid van onze snuggere Hugo (niet mijn woorden - dank aan Youp van't Hek). Dansen met Janssen en Testen voor Toegang, waardoor Nederland vlak voor het vakantieseizoen weer op rood is gezet. 

het sluisje van Termunterzijl

Ik houd mijn hart nu vast voor iedereen die nu na 12 uur op zee met zijn bootje aankomt in een buitenlandse haven en dan opeens in quarantaine moet, of wie geen testbewijs voor een vliegvakantie krijgt omdat ons gammele registratiesysteem het niet aankan. Dag vakantie is het dan, met dank aan het Haagse zwabberbeleid.

 contrast in energie: kolencentrale en windmolens bij Eemshaven

Gelukkig werd ons de afgelopen weken nog geen strobreed in de weg gelegd. Het weer was echter niet om over naar huis te schrijven. Harde wind, tegenwind, geen wind, stortbuien, maar soms ook heel mooi weer. Je bent bevoorrecht als je in deze tijd met je eigen bootje vakantie kunt houden, weer of geen weer. 

 drooggevallen wad bij Vlieland

We hebben een deel van de tocht in het gebied gevaren waar twee van mijn boeken zich afspelen: Het Transport en het nog niet uitgegeven Drie Meter Zand. Het Transport speelt zich deels af op de westelijke Wadden, tussen Texel, Vlieland en Harlingen. Bekend terrein voor ons en het was leuk om precies die plekken terug te zien die mij zo’n vijf jaar geleden hebben geïnspireerd om Het Transport te schrijven. Meer foto's van onze reis zijn HIER te vinden.

Napoleon's fort op Texel speelt een rol in Drie Meter Zand

Mijn nieuwste boek Drie Meter Zand, dat vrijwel klaar is om te worden uitgegeven, speelt vooral in Ameland, in Lauwersoog en Dokkum. Wij volgden onlangs op zee zelfs ongeveer de route van Ameland naar Lauwersoog die de hoofdpersonen Bert en Fleur ‘s nachts in hun zeilboot moeten varen na te zijn overvallen en naar zee gesleept, waar zij aan hun lot worden overgelaten.

zware buien op Borkum, en onder: stoomschip Prinz Heinrich uit 1906

Hoe leuk was het om halverwege onze reis van mijn uitgeverij Palmslag en mijn agent Hanneke Tinor-Centi een mailtje te krijgen dat Het Transport een prima recensie heeft gekregen in de Thriller- en Detectivegids 2021 van Vrij Nederland. Drie sterren, ik was blij verrast.

 
In Het Transport worden twee zeilers, vader en zoon Brouwer, geconfronteerd met grootschalige vrouwenhandel vanuit Rusland, nadat ze een dode jongen uit de Waddenzee hebben geborgen. Diezelfde avond komt een raadselachtige jonge vrouw aan boord naar de drenkeling vragen en kort daarna verandert hun leven in een mallemolen. De recensie in Vrij Nederland noemt een wereld waarin de politie niet altijd automatisch je beste vriend is. Dat onderduiken soms het enige antwoord is zal de meesten van ons verbazen, maar als je gezocht wordt heb je vaak geen alternatief. Dit en het snoeiharde Nederlandse asielbeleid waarin gewone mensen zoals u en ik vermalen worden, zijn kernthema’s van het boek. Hoe zou het aflopen met de hoofdrolspelers? Lees het boek, zou ik zeggen...
 
Het Transport, ISBN 978 94 930 5961 0.


Hier is de videotrailer, als smaakmaker:

 

Trouwens... ook mijn eerste boek ‘De Batavier’ is nog verkrijgbaar, via de boekhandel of in de jachthavenwinkel van Andijk, waar mijn boot ligt. Wie belangstelling heeft, kan mij ook mailen via mijn website https://www.tedpolet.com/ om een exemplaar te bestellen. De voorraad is beperkt!

De Batavier, ISBN 978 94 930 5909 2.