maandag 4 mei 2026

Herdenken en verbinden

Vandaag, 4 mei 2026, is weer de nationale dodenherdenking. 

Ik heb niet zelf de oorlog meegemaakt, maar ben opgegroeid met de verhalen erover.


Vele Nederlanders herdenken vandaag de moordpartij op zes miljoen Europese Joden. Ik las vandaag nog iets over iemand, die geschreven had over de ‘ontruiming’ van het Joodse verpleeghuis in het Apeldoornse Bos in 1943. Mijn moeder werd als jong meisje van 16 door het Nazi-gespuis gedwongen om toe te kijken, hoe de gehandicapte patiënten achterin de vrachtauto’s werden gegooid. Dat beeld spookte op hoge leeftijd nog door haar hoofd. Maar de nationale herdenking is niet alleen voor Joodse slachtoffers, hoewel dat soms zo lijkt te worden gepresenteerd. 

 

Westerbork

 

Herdenken op je eigen wijze


Iedereen herdenkt op zijn eigen wijze, of misschien ook niet. Zoals ik zes jaar geleden schreef: ik herdenk vooral de vermoorde verzetsvrienden van mijn vader en zijn Joodse buren met jonge kinderen, die ‘s avonds laat uit hun huis werden gehaald. Mijn vader heeft dat nog beschreven in zijn memoires, hij heeft het jongste buurmeisje nog helpen dragen bij hun tocht naar wat het ‘verzamelpunt’ heette.


En ik denk aan de talloze zeevarenden die een vaarplicht hadden en slachtoffer werden van Duitse aanvallen op de geallieerde konvooien. Soms had hun schip een verouderd kanon op het achterdek, bemand met een paar militairen, maar dat hielp niet tegen een torpedo van een U-Boot in de machinekamer. We zien soortgelijke risico’s tegenwoordig in de Straat van Hormuz, waar ik als jongmaatje ettelijke keren doorheen heb mogen varen.

 

 

koopvaardijschip in 1943

Helaas wordt de herdenking steeds meer gepolitiseerd, terwijl die eigenlijk een moment van verbinding zou moeten zijn, niet van polarisatie. Zo was er in afgelopen jaren de rel over de deelname van toenmalig Kamervoorzitter Bosma, een vertegenwoordiger van antidemocratisch gedachtegoed. Ik weet niet wat ik daarvan moet zeggen, ook al stuitte mij de formele deelname van die man tegen de borst. 


Israel, Palestina en verzoening


Ik ben sterk gekant tegen het geweld en de oorlogszucht van de staat Israel en vind dat de Nederlandse politiek niets concreets doet om het Israëlische regime onder druk te zetten. Het onderwerp is zo gepolariseerd dat er geen neutraal gesprek meer over mogelijk is. En bedenk dat vele Nederlandse Joden familie hebben in Israel en het niet eerlijk is om hen op de man of vrouw af te vragen wat hun standpunt is over dat land. Ze zullen het zelf al lastig genoeg vinden. 

 

Vanochtend heeft helaas iemand het nationaal monument op de Dam beklad met rode verf. Als je zegt ‘nooit meer is nu’, ondermeer doelend op de Israëlische genocide op de Palestijnen, bedoel je eigenlijk dat we moeten leren van het verleden. Maar een protest hoort niet thuis op een herdenkingsplaats. De weg naar ‘nooit meer’ is niet verdere polarisatie door een monument te bekladden, maar loopt via verzoening. De stap naar vrede en verzoening is de moeilijkste die je als strijdende partijen kunt doen, maar de enige die leidt tot een duurzaam resultaat. Helaas zijn we in Palestina nog ver daarvandaan.

 


 

Een goed voorbeeld is de wijze waarop het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime aan zijn eind kwam. Er kwam na jarenlange sancties tegen het land een waarheids- en verzoeningscommissie met hoorzittingen, waarin getracht werd de wandaden en het trauma uit het verleden te benoemen en te komen tot een vorm van vergiffenis. Naledi Pandor, voormalig minister van Internationale Betrekkingen van Zuid-Afrika, gaf daarover een indrukwekkend betoog tijdens de Dries van Agt-lezing op 2 februari 2026. Hetzelfde zou moeten gebeuren tussen Israel en Palestina.


Een uitspraak van mijn vader, een verzetsman uit Amsterdam die sabotage pleegde, inlichtingen over de bezetter verzamelde en uiteindelijk moest onderduiken, was dat hij geen moeite meer zou hebben met een bakker of kruidenier met een NSB-verleden. Met één restrictie: als ze maar geen publieke functie zouden krijgen. 


Dat is ook een vorm van acceptatie en heling. Tenslotte moet je altijd verder, ook met mensen wier mening of verleden je niet bevalt. 


Ik wens u een vreedzame en rustige herdenking toe.